Bessenbuffet en een beetje rust. Denk aan lijsterbes, meidoorn, sleedoorn, vuilboom, hondsroos en hulst. Laat in het najaar ook wat gevallen appels en peren liggen onder de boom. In park of erf: kies voor dichte struiken en een rommelhoekje met blad. In het landbouwgebied: houd houtwallen en singels breed, met besdragende struiken erin. Niet strak scheren, wel gefaseerd snoeien.
Koperwieken eten ’s winters bessen en in zachtere periodes ook regenwormen en insecten. Ze verspreiden zaden via hun poep. Zo helpen ze struiken en bomen terug het landschap in.
Vooral oktober tot en met maart. In koude winters duiken ze massaal op, vaak in groepen met kramsvogels.
Broedvogel: zeldzaam. Doortrekker en wintergast: algemeen, aantallen wisselen sterk per jaar.
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.