Plant inheemse struiken en bomen waar het zoemt van het leven: wilg, berk, meidoorn, hazelaar. Laat brandnetel, fluitenkruid en braam lekker staan in een rommelhoekje. Geen opgeruimde tegelwoestijn, maar gelaagd groen: lage struiken, wat hogere bomen, een strook ruig gras. Gebruik geen pesticide – hoe meer insecten, hoe meer fitis. En maai gefaseerd, zodat er altijd ergens iets krioelt.
De fitis is een ranke insectenjager. Hij plukt rupsen, muggen en kevertjes uit bladeren en takken. Daarmee helpt hij om insectenpopulaties in balans te houden. Zelf staat hij weer op het menu van sperwers en andere roofvogels. Klein vogeltje, grote schakel in het web.
Zomergast en broedvogel (apr–sep). Overwintert in Afrika ten zuiden van de Sahara.
Beschermde inheemse soort. Geen Rode Lijst-soort, maar aantallen laten op lange termijn een lichte daling zien, vooral door veranderingen in landschap en insectenstand. Meer biodivers groen helpt.
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.