Rommel met waarde. Heggen, struweel, ruige randen, bermen vol zaad en een boerenerf dat niet té netjes is. Hij broedt graag in holtes: oude spechtenholen, kieren in schuren, knotwilgen. Help ‘m: hang nestkasten op (met klein invlieggat), zet een haag van meidoorn, sleedoorn en liguster, en laat een strook met distels, zuring en grassen staan. Waterbakje erbij, klaar.
Zaadeter met een zachte plek voor insecten. In het broedseizoen voeren ringmussen hun jongen vooral rupsen en andere kleine beestjes. Meer ringmus = meer reden om je erf, park of akkerrand insectvriendelijk te beheren. Ze worden zelf gepakt door sperwer en kat; dichte struiken geven dekking.
Het hele jaar. In de winter vaak in groepjes, soms gemengd met andere mussen en vinken.
Broedvogel. In veel gebieden achteruitgegaan en lokaal schaars; bolwerken vooral in het agrarisch landschap en dorpsranden.
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.