Halfopen bos en parkland. Oude loofbomen met holtes, plus een rommelige rand vol insecten. In tuin en erf: hang een nestkast op een rustige plek, 2–4 meter hoog, met vrije aanvliegroute. Laat klimop en wilde hoekjes staan. Maai niet alles tegelijk.
Insecteneter met tempo. Pakt vliegen, muggen, rupsen en kevers uit de lucht en van bladeren. Goed nieuws voor elke plek waar je minder gezoem en vraat wil, zónder de boel dood te spuiten. Zelf staat ie op het menu van sperwer en boommarters; dus: dekking in de vorm van struiken helpt.
Zomergast. Meestal van april tot en met augustus/september. Broedt hier, overwintert in Afrika.
Broedvogel, maar geen massa. Aantallen schommelen en hangen sterk af van genoeg insecten én nestplekken. Help ‘m door inheemse struiken te planten zoals meidoorn, sleedoorn en hazelaar, en door blad en takken gewoon eens te laten liggen.
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.