Rust en ruimte. Brede sloten, plassen, vaarten, parkvijvers. Oevers met riet en lisdodde. Zachte grasranden om te grazen. En een beetje beschutting om te broeden. Doen: laat een strook oever rommelig. Plant riet, gele lis en dotterbloem. Maai gras aan de waterkant gefaseerd, niet alles in één keer. Op erf en in landbouwgebied: houd slootkanten kruidenrijk en maak een flauwe oever in plaats van een strakke wand.
Grote vegetariër met smaak voor waterplanten, algen en gras. Door te grazen houdt hij plekken open en maakt hij mozaïek: korte stukken naast ruigere oever. Handig voor andere watervogels en amfibieën. Nesten zijn kleine eilandjes van riet en takken: ook schuilplek voor van alles. Kuikens zijn kwetsbaar; vossen en grote meeuwen pakken er soms één.
Het hele jaar. Extra veel in herfst en winter door trekkers en zwerfers.
Algemeen. Broedvogel en standvogel in Nederland. In veel gebieden stabiel tot toenemend.
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.