Open land met natte randen. Slootkanten, greppels, kruidenrijke weilanden, plas-dras. Rust om te broeden en een hoge plek om te wonen: nestpaal, schoorsteen, hoog platform. Help mee: laat slootkanten ruig, maai gefaseerd, maak een nat hoekje in je tuin of park. Op erf of boerderij: leg een brede, kruidenrijke akkerrand aan en houd water langer vast.
De ooievaar is een opruimer met lange poten. Hij prikt muizen, kikkers, regenwormen, grote insecten en soms een jonge rat uit het gras. Daarmee houdt hij het land levend en in balans. Jonge ooievaars zijn zelf prooi voor roofvogels en vossen als ze op de grond zitten. Hoog en rustig broeden helpt.
Vooral van februari tot en met augustus. Een deel blijft het hele jaar, zeker bij zachte winters.
Broedvogel. Ooit bijna weg, nu weer terug dankzij nestplekken en beter leefgebied. Blijft afhankelijk van nat, voedselrijk land.
We blijven deze tekst aanscherpen. Mis je iets of klopt er iets niet? Mail [email protected] en help mee. Dan strijken we samen de veren weer even goed.